Is een tuigje altijd de betere optie?

We zien steeds meer honden met een borsttuig lopen. Op zich een goede ontwikkeling. Hondeneigenaren houden zich steeds meer bezig met het welzijn van hun trouwe vriend. Maar is elk tuig de betere optie?

Als je kijkt naar het nekgebied, dan bestaat deze uit nekwervels, banden, spieren, maar ook luchtpijp, grote bloedvaten en zenuwen. De kans dat je een van deze structuren met een halsband beschadigd, bij veelvuldig trekken aan de lijn, is groot. Helemaal bij fragiele, onbespierde pups.

Maar niet elk tuigje is de betere optie en er bestaat niet één tuig dat elke hond past.

Een goed passend tuig heeft een aantal voordelen en eigenschappen:

  • Geeft geen druk op nek, luchtwegen en overige structuren in de hals; zo voorkomt men klachten.
  • De lichaamstaal van de hond is meer natuurlijk, ontspannen en in balans.
  • Werkt positief bij interacties met mens en dier, omdat de hond geen negatieve (pijn) prikkel krijgt.
  • Biedt houvast bij het handlen van de hond.
  • Wanneer een hond al nekklachten of een zwakke achterhand heeft, zal een tuig een “must” zijn.

Waar je op moet letten:

  • Hondentuigen zijn voor honden een veiligere en gezondere optie tijdens het lopen aan de riem. Elk hondenras en dan die ene specifieke hond heeft een diverse type tuig nodig, diverse bandbreedte, diverse uitvoering. Een goed zittend hondentuig zit comfortabel qua materiaal en vorm (Y-tuig), belemmert een hond niet in zijn beweging en drukt niet op de wervelkolom, zenuwen, organen en gevoelige plekken.
  • Moeten volledige bewegingsvrijheid van de voorhand mogelijk maken en de borstkas ondersteunen; tuigjes met een horizontale band langs de borst remmen de bewegingsvrijheid van de bovenarm of drukken op de luchtwegen wanneer de band te hoog ligt.
  • Moeten met voldoende ruimte achter de oksel lopen zodat het niet gaat knellen
  • Hebben een bevestigingspunt tussen de schouderbladen ter hoogte van of net achter het zwaartepunt van de hond, opdat de hond beter vanuit de achterhand kan stuwen.
    In het meest ideale geval ligt dit ringetje niet op de rug van je hond, maar ligt hij op het materiaal van het tuigje. Je kunt je voorstellen dat het voor je hond niet prettig aanvoelt als die metalen ring, met daaraan vast de musketon van je lijn, op de wervelkolom ligt. Sommige honden vinden dit zo vervelend dat ze óf scheef gaan lopen zodat het tuigje scheef zakt óf weigeren het tuigje aan te krijgen. Let bij het bevestigen van de musketon erop dat de sluiting niet op de rug van de hond ligt, maar naar boven wijst
  • Zijn eenvoudig aan te doen, zonder een voorpoot op te hoeven tillen
  • Bij uitvallende honden: hier is het belangrijk dat het tuigje twee bevestigingspunten heeft; eentje op de rug (en zelfs nog een extra) en eentje op het borststuk. Daardoor kun je, in moeilijke situaties, de hond makkelijker wat uit balans halen en meenemen de andere kant op. Zonder dat de hond daar fysiek last van heeft.

In de praktijk ziet men vaak de volgende problemen met tuigen:

  • Slecht passende tuigen: Met als gevolg trekken in de oksel, druk op schoudergewricht, toch nog druk op luchtpijp of druk op wervelkolom.
  • Hond gaat meer trekgedrag vertonen omdat dit eenmaal makkelijker is aan een tuig.
  • Hond wordt minder enthousiast met lopen vanwege niet passend tuig.
  • Hond weet uit het tuig te ontsnappen.

Mogelijke oplossingen:

Slecht passende tuigen:
Koop een volledig op maat gemaakt tuig, zodat het altijd goed past. Het is zacht waar het contact maakt met de hond waardoor het de hond niet irriteert of pijn doet.
Bij uitvallende honden:
Niet goed zittende tuigjes kunnen irriteren of pijn veroorzaken. Dat kan bij een hond net dat laatste zetje zijn om uit te vallen. Ook kunnen ze de irritatie/pijn negatief gaan associëren met de prikkel, wat het gedrag kan verergeren
.

Hond gaat meer trekgedrag vertonen:
Gaat je hond meer trekken aan het tuig? Dit is voor zijn lijf niet goed. Met name schouders, lage rug en heupen worden hiermee teveel belast.

Een tuigje dat wordt verkocht als “anti-trektuig” kan ervoor zorgen dat de hond iets minder gaat trekken. Hoewel de fabrikant anders doet vermoeden, zijn dit geen wondermiddelen om je hond van het trekken aan de lijn af te krijgen. Het kan een (tijdelijke) oplossing zijn om een probleem met trekken aan de lijn te doorbreken, maar gebruik dit soort tuigjes alleen onder begeleiding van een kundige instructeur of gedragstherapeut! Een anti-trektuig zal zonder training geen verbetering van het trekken aan de lijn geven. De meeste honden blijven zich met zo’n tuig net zo gedragen als zonder. Trekt een hond echter veel aan de lijn, terwijl hij een anti-trektuig om heeft, dan kan hij zichzelf blesseren. De anti-trektuigen geven namelijk vaak druk op gevoelige plekken van het hondenlichaam. Het idee erachter is dat de hond wel stopt met trekken als het maar onaangenaam genoeg aanvoelt, maar de praktijk wijst anders uit.
Verkeerd gebruik kan veel kwaad doen en je probleem doen verergeren in plaats van verbeteren!
Als je wilt dat een hond stopt met trekken, zit er maar één ding op:
trainen, trainen, trainen 😉

Hond wordt minder enthousiast met lopen:
Er moet altijd eerst gekeken worden of de hond last heeft van het tuig. Daarnaast ziet men ook dat sommige honden bepaalde tuigen onprettig vinden zitten. Dan is het even zoeken naar de meest geschikte.

Signalen voor een niet passend tuig
– gapen bij het omdoen van het tuig
– de lippen likken
– weglopen als je het tuig om wilt doen
– vaker zitten tijdens de wandeling
– krabben

Hond weet uit het tuig te ontsnappen:
Ja, je hebt er Houdini’s bij zitten… Er zijn speciale tuigen die ontsnappen nagenoeg onmogelijk maken. 
Maar: Sommige van deze tuigjes hebben hun buikband heel ver naar achteren liggen. Dit heeft als voordeel dat de hond er moeilijker uit kan ontsnappen, maar als de hond dan druk op de lijn neemt, wordt de buikband in de buik getrokken. Je kunt je voorstellen dat dit niet prettig aanvoelt.
Mocht het een hond toch lukken te ontsnappen, dan kan men een politielijn aan een halsband en het tuig vast maken. De lijn aan de halsband gebruikt men dan alleen in het geval van nood.

Bronnen: Dominique Frohoff, gecertificeerd dierenfysiotherapeute en chiropractor / Dogfysion, dierenfysiotherapeut / Monique Bladder / Doggo.nl / TO BE TOUCHED – Anita Janssen-Rootering